Hoe kan je snoozen afleren?

Deel dit artikel

Je ligt op een paradijselijk strand waar palmbomen wuiven en vissersbootjes dobberen op de azuurblauwe oceaan, tot plots… De wekker je weer naar de realiteit katapulteert en je beseft dat het allemaal een droom was. Gelukkig is daar de snooze-knop waarmee je 9 minuten lang kan terugkeren naar je droomwereld. Nog eventjes genieten om dan opnieuw abrupt wakker gemaakt te worden. En daarna nog eens en nog eens en nog eens.

Het mag duidelijk zijn: snoozen is enorm aanlokkelijk, maar niet het ideale begin van een productieve dag. En zo’n snooze-marathons hebben ook op je nachtrust een effect. Experten zijn het erover eens dat het voor je biologische klok beter is om al bij het eerste alarmsignaal op te staan. Maar hoe geraak je van snooze-verslaving af? Laten we beginnen bij het begin…

Waarom is snoozen zo verslavend?

Door het vrijkomen van serotonine in onze hersenen werkt snoozen verslavend

Onze biologische klok is in feite een wisselwerking van verschillende hormonen in de hersenen. Om ons te doen ontwaken, maken onze hersenen o.a. dopamine aan. Die stof geeft ons energie om aan de dag te beginnen en de aanmaak ervan begint ongeveer een uur voor we (natuurlijk) wakker worden.

Tegenover dopamine staat serotonine: een hormoon dat ervoor zorgt dat we inslapen. Serotonine wordt ook weleens het ‘gelukshormoon’ genoemd. Het geeft ons een gevoel van kalmte, innerlijke rust en tevredenheid. Dat is ook de reden waarom snoozen zo heerlijk aanvoelt én verslavend werkt: na elke tik op de snooze-knop, dommelen we weer in, sturen de hersenen een dosis serotonine door ons zenuwstelsel en krijgen we keer op keer dat gelukzalige gevoel.

Maar als we vlak na het ontwaken weer even inslapen en dat een paar keren herhalen, dan maakt ons lichaam tegelijkertijd dopamine en serotonine aan. Die dubbele vrijgave van ‘tegengestelde’ hormonen in de ochtend maakt dat we overdag moeizamer functioneren.

Het effect van snoozen op onze slaapcyclus

’s Nachts doorlopen we 4 à 5 slaapcyclussen van 90 tot 120 minuten. Elke cyclus bestaat uit 4 fasen: inslapen, lichte slaap, diepe slaap en REM-slaap (Rapid Eye Movement of droomslaap). In die laatste fase verwerken onze hersenen de gebeurtenissen van overdag. Tijdens het eerste deel van de nacht overheerst de diepe slaap, naar de ochtend toe wisselen vooral de lichte slaap en REM-slaap elkaar af.

In feite willen onze hersenen deze cycli ononderbroken doorlopen en word je door je biologische klok vanzelf gewekt op het meest gunstige moment in zo’n slaapcyclus. Door onze wekker te zetten, onderbreken we dat natuurlijke proces. Maar door die wekker ook systematisch vroeger te zetten om nog een paar keer te kunnen snoozen, bestaat de kans dat we op een nog minder gunstig moment (in onze diepe slaap of REM-slaap) gewekt worden.

Bovendien zijn de extra minuten slaap tijdens het snoozen eerder lichte slaap en dus van een mindere kwaliteit dan de slaap die je nog zou krijgen als je je wekker gewoon 10 minuten later zet. Hierdoor kan je zelfs het gevoel krijgen dat je je nog slapper en vermoeider voelt dan wanneer je meteen uit bed komt. Sommige specialisten beweren zelfs dat snoozen zorgt voor stoornissen in je geheugen, reactietijd, begrip en aandacht

Hoe kan je snoozen afleren?

Snoozen wordt moeilijker als je je wekker een eindje van het bed weg plaatst.

Je hebt besloten om te stoppen met snoozen? Mooi! Maar we gaan er geen doekjes omwinden: net als bij iedere gewoonte waar je van af wil, draait het ook bij snoozen vooral rond karakter. Toch zijn er een paar trucjes die het je wat makkelijker maken om al na het eerste alarmsignaal op te staan:

  • Neem de ‘luxe’ van het snoozen weg en zet je wekker zo laat mogelijk. Sta je dan niet meteen op? Dan ben je te laat op het werk of op school.
  • Plaats je wekker een eindje weg van het bed. Eens je uit bed bent, is de drempel om terug onder de wol te kruipen ietsje groter.
  • Zorg dat je een vast ochtendritueel hebt. Wanneer je ’s ochtends altijd dezelfde dingen in dezelfde volgorde doet, geraak je erop ingesteld.
  • Slaap voldoende en kruip op tijd onder de wol. Gemiddeld heeft een volwassene 7 à 9 uur slaap nodig.
  • Kies een aangenaam wekkergeluid: je favoriete liedje, fluitende vogels,… Ook met een wake-up light is het net dat tikkeltje prettiger worden.
  • Hou rekening met de slaapcycli die je ’s nachts doormaakt en zorg ervoor dat het uur waarop je moet opstaan in een fase van lichte slaap valt. Zo wordt je slaapcyclus niet onderbroken in een fase van diepe slaap en kan je in principe makkelijker opstaan. Bereken hier wanneer je moet gaan slapen om ongeveer op het goeie moment wakker te worden.

Nog meer slaaptips?

Stoppen met snoozen is al een eerste stap naar een betere nachtrust. Maar we hebben nog meer tips voor jou. Dit zijn 6 gouden regels om goed te slapen.